Dr. Jeff Handmaker (1970) is sinds februari 2007 universitair docent aan het Institute of Social Studies (ISS) in Den Haag en geeft regelmatig colleges over vluchtelingenrecht in Zuid Afrika en over Palestijnse vluchtelingen in het Midden-Oosten. Voordat hij bij het ISS begon te doceren werkte hij o.a. als mensenrechtenadvocaat voor Lawyers for Human Rights (LHR) in Zuid Afrika, waar hij in 1996 het Refugee Rights Project oprichtte. Hierna werkte hij tot januari 2007 als onafhankelijk adviseur en trainer vanuit zijn eigen bedrijf Rea Hamba Advice. Hij heeft een aantal publicaties over vluchtelingenrecht geschreven, onder andere, samen met L. De la Hunt en J. Klaaren (red.), “Advancing Refugee Protection in South Africa” (Berghahn, 2008), “Advocating for Accountability: Civic-State Interventions to Protect Refugees in South Africa” (Intersentia, 2009) en samen met R. Berkhout, “Mobilising Social Justice in South Africa: Perspectives from Researchers and Practitioners” (Pretoria University Law Press, 2010).
“Ik was vroeger in de jaren negentig jurist voor een parlementslid en deed onderzoek naar de situatie van mensen die onterecht strafrechtelijk veroordeeld waren in Engeland (dit was naar aanleiding van de controverse rondom de Birmingham Six). Later heb ik als advocaat voor mensen in gevangenissen in Zuid Afrika gewerkt. In de gevangenis en politiecellen kwam ik regelmatig mensen tegen uit diverse landen die bang waren om terug naar huis te gaan. Ze waren politieke vluchtelingen, maar werden door Zuid Afrika in deze tijd als gewone “illegalen” behandeld en opgesloten door de immigratiepolitie. Samen met een diverse groep religieuze en mensenrechtenorganisaties, advocaten en vluchtelingen hebben wij langzaam het beleid kunnen beïnvloeden, ambtenaren en politie kunnen trainen en kunnen procederen voor de rechtbank. Een aantal jaren later heb ik deze situatie verder bestudeerd voor mijn proefschrift. Door mijn associatie met Stichting 3R hoop ik de noodzakelijkheid van rechtshulp voor vluchtelingen verder naar voren te brengen in de Nederlandse maatschappij.”